De heerlijkheid Bakkum
Bakkum is als dorp bekend sinds het jaar 980, waarbij
het Bacchem genoemd werd. Wanneer Bakkum een zelfstandige heerlijkheid wordt is
niet bekend. De eerste vermelding dateert uit 1429, waarbij Bakkum in leen
gegeven wordt aan Jan van Egmond. De familie Van Egmond bleef tot 1613 in bezit van het
geslacht Van Egmond. Er is uit die tijd geen wapen van Bakkum bekend. In 1613
kocht Johan van Oldenbarnevelt de heerlijkheid. Via zijn kleindochter wordt in
1625 Cornelis van der Mijle heer van Bakkum. De familie Van der Mijle blijft tot 1695 in bezit van
de heerlijkheid. De heerlijkheid voerde als wapen een schild van zilver,
waarop een eenhoorn van azuur. Het geheel geplaatst op een grond van sinopel.
Dit wapen is waarschijnlijk afgeleid van het familiewapen van Van der Mijle, dat
in zilver een zwarte eenhoorn, met gouden manen en hoorn voerde. De heerlijkheid komt later in bezit van andere
geslachten, die het heerlijkheidswapen in hun familiewapen overnemen, dit tot de
huidige heren toe, uit het geslacht Braakenburg van Backum. Zij bezitten alleen
de titel en het recht het wapen te voeren, verder geen rechten meer.Bakkum werd pas aan het eind der 19e eeuw verenigd met Castricum. Na een korststondig bestaan als eigen gemeente, werd Bakkum
uiteindelijk opnieuw samengevoegd met Castricum.

Copyright 2008 BOZK!
Niets van deze site mag worden overgenomen zonder toestemming van
BOZK!